Ik schreef over onze levenslessen en wil nog wat
nader ingaan op mensen die met speciale missie naar hier
gekomen zijn. Er zijn namelijk mensen die in verschillende
levens hier al veel eigen levenslessen geleerd hebben en die
teruggekomen zijn om ditmaal een ander of anderen te helpen een
bepaalde les te leren of daartoe voorbereidingen te treffen. Zo
althans dringt het beeld zich aan mij op. Mijn indruk is dat
mensen die met handicaps naar hier komen of anderszins gehavend
binnenkomen of gaande hun reis hier ernstig beschadigd raken,
niet slechts gekomen zijn om hun eigen lessen te leren. Ik
vermoed dat we in deze groepen mensen treffen die kwamen met
het doel een medemens geduld te leren, of liefde, of te helpen
beseffen welk een voorrecht het is gezond van lijf en leden te
mogen zijn en met een goed verstand te zijn begenadigd. Mensen
die hier zijn om anderen te helpen in hun lessen, noem ik de
mensen op speciale missie.
Natuurlijk kunnen gezonden hier eveneens
verkeren met het oog op levenslessen van medemensen.
Want natuurlijk is het nooit of alleen voor jezelf, of alleen
voor de ander dat je hier bent.
De vraag naar de zin van de pijn en het verdriet komen zo
dikwijls naar voren dat ik meen dat die zin altijd samenhang
moet hebben met levenslessen. Ik hoor wel van mensen dat ze dit
een negatieve insteek vinden, waar ze niets mee kunnen. Ik
ervaar het andersom. Bovendien weet ik dat wat ons hier de
grootste vreugde brengen kan, soms zomaar ineens kan zorgen
voor het meest intense verdriet, net zo goed overigens als
andersom. Beide brengen ons altijd opnieuw in contact met wat
we willen leren. Ik weet daarbij bijvoorbeeld niet of onze
levenslessen altijd tot hun recht komen als we onze
gehandicapten te gemakkelijk onderbrengen in tehuizen, maar ik
besef tegelijk dat juist ook in zo'n ingrijpende beslissing
weer een andere levensles schuil kan gaan. Niemand kan zoiets
voor iemand anders inschatten, laat staan beoordelen, volgens
mij. Als we ieder voor zich ons maar bewust zijn van de diepe
ernst die onze keuzes krijgen als we ze leren zien in samenhang
met onze levenslessen.
Uiteindelijk moet het in onze wereld van ik naar wij.
Veel levenslessen zullen gericht zijn op stukjes van de
waarmaking hiervan. Waar we ons oefenen samen te delen, helpen
we anderen van hun ondervoeding en wellicht onszelf van onze
overvoeding af en bestrijden we in deze beide de grootste
doodsoorzaak op aarde. Dat kan ook een levensles zijn: het
leren een goed gebruik te maken van het lichaam en de geest die
ons gegeven zijn, teneinde die in te zetten waar we onszelf en
anderen ten dienste kunnen zijn, maar ook die niet te
verwaarlozen en daarop evenmin roofbouw te plegen. Want dat
laatste gebeurt in onze wereld met geld als hoogste God
veelvuldig. Hoe zal iemand die niet van zichzelf houdt immers
van een ander houden? Hoe voor een ander te zorgen, zonder dat
voor jezelf te doen? Als je van jezelf niets te verwachten
hebt, hoe kan een ander iets van je verwachten?
Gert Hardeman