Als mensen hebben we ons beeld van God geschapen. We hebben altijd beseft dat er een kracht of energie is die ver boven de onze uitgaat. En omdat we niet goed konden leven met het mysterie, gaven we daar onze eigen invulling aan. Het beeld dat we ons vormden was naar menselijke gelijkenis. Dat maakte het grijpbaar en we hoopten misschien controleerbaar. Voor christenen is Jezus de gepersonifieerde God. In de oude bijbelboeken zijn wat stukken tekst aangegrepen om een voorspelling te zijn van de geboorte van de redder van onze wereld, een redder van buiten dus, uit de onzichtbare wereld zelf. Duidelijk is dat Jezus niet werd wat hij geacht werd te zijn. Hij zou immers binnen één generatie terugkomen? Dat dat niet gebeurde verhinderde niet dat de verering van zijn persoon standhield. De mens kan niet zonder duidelijkheid over oorsprong en doel.
Als nu eens dit leven, ons leven van nu, alles is wat we te verwachten hebben. Zouden we dan anders leven, andere prioriteiten stellen en anders met onszelf en onze wereld omgaan? Ik vermoed dat dit leven het is. Dan raakt het grotere niet uit zicht, maar komt zelfs dichterbij. Dan zijn we als mensen deel ervan. Dan is het niet een kracht of energie van buiten onszelf waar we het van moeten hebben. Dan gaat het om wat jij en ik bewerkstelligen, hoe wij de aarde waarop we gesteld zijn beheren, hoe we met elkaar omgaan en wat we doen of niet doen in het werk aan een nieuwe wereld.
Ik weet het: wij kunnen dat niet, een wereld bouwen van vrede en ruimte voor iedereen. Dat zie ik ook wel. Maar wat als het de enige optie is? Laten we niet uitgaan van een ingrijpen van buitenaf. Als mensheid zijn we bezig lessen te leren. En als dat niet zo is, wordt het tijd daarmee te beginnen. Als we durven, kunnen we daarin deel van het mysterie worden.
Pagina geschreven 17-10-2024