Longkanker: soms pil i.p.v. chemo

Met name niet-rokers (en dan nog meer vrouwen dan mannen) met longkanker hebben kans een zogeheten EGFR-mutatie in het dna van hun tumorcellen te hebben. Bij rokers zijn er doorgaans andere mutaties. Zieken met de EGFR-mutatie blijken meer baat te hebben bij een relatief nieuwe pil dan bij chemotherapie. De ziekte wordt onderdrukt en er zijn minder bijverschijnselen. Het gaat om Iressa (gefitinib) of Tarceva (erlotinib). Van de 9.000 nieuwe longkankerpatiënten per jaar komen er zo'n 1.000 voor het middel in aanmerking. Overigens is na een behandelduur van een jaar slechts een kwart van de patiënten vrij van ziekte, overigens wel viermaal zoveel als na een chemo. Bij alle middelen tegen kanker treedt overigens vaak al binnen een jaar resistentie op.

Pagina geschreven 2 februari 2010.