ESBL-gevaar

De kip en dus het kuiken moeten met zo weinig mogelijk voedsel zoveel mogelijk gewicht opbouwen. Dat is de situatie in de moderne veehouderij. Als een paar beesten ziek zijn, krijgen ze vaak allemaal antibiotica. Uitzieken is er niet meer bij, omdat dat door de massaliteit en de concurrentie te veel zou kosten. Als de kuikens te weinig groeien, is de winst weg. In de zes tot acht weken van hun leven krijgen de meeste kuikens antibiotica binnen, zelfs via het drinkwater of door het 'sprayen' van de kippenhokken. Toen in 2006 het gebruik van antibiotica als groeibevorderaar werd verboden, verminderde het totaalverbruik niet. Een probleem zou ook kunnen zijn dat veeartsen financieel belang hebben bij voorschrijven van antibiotica, omdat ze die zelf leveren. Vijf procent van de dierenartsen schrijft de recepten uit voor 80 procent van de antibiotica. De mens krijgt deze antibiotica binnen via het vlees en ontwikkelt zo ook een zekere resistentie tegen antibiotica. In 86 procent van de kip in de supermarkt zit inmiddels de ESBL-bacterie (Extended Spectrum Bèta Lactamases), die tegen de meest gangbare antibiotica een resistentie heeft ontwikkeld. Eigenlijk is het geen bacterie, maar een geneigenschap die op de bacterie kan zitten en van de ene bacterie naar de andere kan overstappen, ook naar andersoortige. In Frankrijk is ESBL op groenten aangetoond, vermoedelijk als gevolg van besproeiing met oppervlaktewater. Ook de Nederlandse akkerbodem is besmet. In sommige landen (o.a. Griekenland, Israël, India) zijn de bacteriën inmiddels bestand tegen alle bestaande antibiotica. Vooralsnog wordt aangenomen dat de bacterie niet binnenin eieren kan zitten, wel aan de buitenkant ervan.

In 2000 waren er nog geen mensen met ESBL besmet, in 2003 1,3 procent van de mensen die in een ziekenhuis terecht kwamen. In 2008 was dat 4,8 procent en het percentage stijgt gestaag. ESBL kan bij de mens bijvoorbeeld blaasontsteking veroorzaken en vervolgens bloedvergiftiging. Het gevaar van ESBL is dat het de resistentie tegen antibiotica kan veroorzaken, waardoor deze (soms levensreddende) behandelingsoptie dan voor de betrokkene vervalt. Ondanks dit alles is er nog geen hard bewijs voor het overspringen van ESBL van dieren naar mensen. Toch zal duidelijk zijn dat er voldoende reden is om vlees (ook varkens- en rundvlees) zeer hygiënisch te behandelen. Goed en door en door verhitten dus en snijplank en mes e.d. en natuurlijk na elk contact met het rauwe vlees ook de handen zeer goed afwassen. Voorkom kruisbesmetting door met bijvoorbeeld een vork (of handen) die in aanraking was (waren) met nog niet verhit vlees niet alsnog al voor consumptie gereed vlees aan te raken.

Pagina geschreven 18 april 2010, laatst bijgewerkt 20 april 2011.